Rederijkerscultuur


Bestanden
open bestand
open bestand

Gerelateerde personen/organisaties
Verbond van de Kamers van Rhetorica VZW
LECA
Het Firmament

Gerelateerde borgingsacties (Hoe)
Identificatie en documentatie van de rederijkerscultuur
Onderzoek naar de rederijkerscultuur
Communicatie en sensibilisering rond de rederijkerscultuur
Overdracht van de rederijkerscultuur

ICE categorie├źn
Podiumkunsten of voorstellingen
Sociale gewoonten, rituelen en feestelijke gebeurtenissen
Orale tradities en uitdrukkingen, inclusief taal als vehikel van ICE

Trefwoorden
feest, muziek, instrumentaal, vocaal, processie, religieus erfgoed, sociaal gebruik, stoet, vertoning, dans, theater, verhaal, viering

Vandaag zijn er in Vlaanderen en Nederland 67 actieve Rederijkerskamers. Een groot deel daarvan is verenigd via het Verbond van de Kamers van Rhetorica VZW. De activiteiten van de nog bestaande Kamers zijn heel divers. Wat hen onderling bindt, is taal in de brede zin van het woord. In Vlaanderen beoefenen rederijkers taal vooral via amateurtheater, en in mindere mate via zang en dichtkunst. De Kamers organiseren ook wedstrijden rond theater, voordracht en dichtkunst. Feestelijkheden vormen eveneens een rode draad in de werking: rederijkerskamers organiseren patroonsfeesten en worden geregeld gevraagd om deel te nemen aan historische stoeten of processies of om religieuze altaren van patroonheiligen in stand te houden. Een enkele Kamer houdt zich bezig met louter academisch onderzoek of het behoud en beheer van een middeleeuwse reus. Om hun werking uit te dragen naar het grote publiek organiseren de rederijkerskamers onder meer tentoonstellingen en geven ze uiteenlopende publicaties (tijdschriften, wetenschappelijk onderzoek, jubileumboeken…) uit. De rederijkerskamers maken ook werk van het beheer van hun roerend erfgoed en de archivering van hun documentair erfgoed.
 
De rederijkerscultuur vindt haar oorsprong vermoedelijk in (Frans-)Vlaanderen, aan het begin van de 15de eeuw. Algauw schoot de traditie overal in de Nederlanden wortel. In Frankrijk sprak men van 'chambres de rhetorique', wat in het Nederlands als ‘rederijkerskamers' vertaald werd. In de tweede helft van de zestiende eeuw hebben uit Vlaanderen en Brabant gevluchte protestanten in het Noorden ook eigen, nieuwe kamers gesticht, naast de kamers die er al actief waren.
 
De Middeleeuwse rederijkerskamers waren een soort letterkundige gilden. Zij hadden een blazoen, een spreuk en meestal een patroonheilige. Ook hun inrichting/structuur lijkt op die van andere gilden. Tijdens de 15de en 16de eeuw vormden de rederijkers de literaire en culturele voorhoede in de Nederlanden. Hun werk was vernieuwend en hun maatschappelijke invloed was groot. Rederijkers leverden een belangrijke bijdrage aan de eenheid van taal en cultuur in de Nederlanden. Zij verwoordden de opvattingen van de opkomende burgerij en stonden kritisch ten aanzien van de machthebbers van kerk en staat. Hun werk speelde een belangrijke rol bij de verspreiding van nieuwe sociale en godsdienstige ideeën. Daarnaast bevorderden rederijkers de discussie over allerlei onderwerpen, een rol die vergelijkbaar is met die van de huidige pers. Omwille daarvan zijn rederijkerskamers in de loop der eeuwen meermaals verboden en ontbonden.
 
Toch waren rederijkers in de eerste plaats liefhebbers van literatuur en taal. Hun activiteiten centraliseerden zich rond diverse uitingsvormen van de Nederlandse taal: literatuur, welsprekendheid en redenaarskunst (retorica), toneel (zinnespel, kluchten of esbattementen…), dichtkunst, liederen… Met deze activiteiten richtten de Kamers zich op volksvermaak en volksontwikkeling. Zij hielden dicht- en toneelwedstrijden, die later ook opengesteld werden voor de andere Kamers en uitgebouwd werden tot grote manifestaties die ‘landjuwelen’ genoemd werden. Zij waren ook betrokken bij processies en feestelijke intochten. Veel steden hadden een officiële stadsrederijker, die teksten schreef, betrokken was bij de versiering van de stad, en fungeerde als een soort ceremoniemeester.
 
In de loop der tijden zijn er ooit ruim 2000 Kamers opgericht. Mettertijd verwierf ‘De Fonteine’ in Gent het statuut van hoofdkamer en werd zij gemachtigd om nieuwe Kamers in te stellen. Omstreeks 2010 heeft De Fonteine deze bevoegdheid overgedragen aan het Verbond van Kamers van Rhetorica VZW.

Bijlagen: ; Auteur: Verbond van Kamers van Rhetorica VZW
Sociaal-culturele betekenis
De Rederijkerscultuur is de bestaansreden van de rederijkerskamers. Rederijkerskamers brengen mensen bij elkaar die samen taal beoefenen. In die optiek heeft de Rederijkerscultuur tot op vandaag een absoluut sociale functie. Rederijkers vinden mekaar in creatieve verbondenheid en in hun gezamenlijke boon voor taal en taalvaardigheid. Zij verbroederen in een sociaal netwerk van gelijkgezinden, zelfs over de landgrenzen heen. Zo ontstaat kruisbestuiving, worden mensen door mekaar geïnspireerd en laat men zich uitdagen om in wedstrijden kennis en kunde te etaleren én te delen. De Rederijkerscultuur is op die manier een krachtig bindmiddel. Dat aspect wordt nog versterkt door de geografische spreiding. Bij het Verbond van de Kamers van Rhetorica zijn kamers uit Vlaanderen en Nederland aangesloten. Op tal van locaties zijn nog sporen te vinden van de rederijkerstraditie die er in het verleden werd beoefend.