Klompencultuur in Vlaanderen

De klompenmakerij was ooit een belangrijke bedrijfstak die specifieke technische kennis nodig had. Veel van deze kennis is in Vlaanderen al verloren, maar er is nog steeds een dynamische erfgoedgemeenschap actief, die het de moeite waard vindt om het immateriële erfgoed rond dit ambacht te borgen. Ook het dragen van klompen is iets wat opnieuw meer gewaardeerd mag worden. Klompen hebben immers heel wat voordelen. Deze voordelen laten inzien en mensen de kans bieden om klompen te ontdekken als alternatief schoeisel, zijn doelstellingen van de gemeenschap rond de klompencultuur, die sinds 2013 een reeks gezamenlijke activiteiten heeft ontplooid. Nu de generatie die haar jeugd op klompen heeft doorgemaakt aan het uitsterven is en de laatste professionele klompenmakers er het bijltje bij neerleggen, vindt de gemeenschap het immers hoog tijd het erfgoed van het dragen en maken van klompen te herwaarderen.

Klompen zijn meer dan folklore. De productie van klompen op grote schaal zal wellicht nooit terugkomen naar België, maar dat wil niet zeggen dan er geen geïnteresseerden zijn om de techniek aan te leren en door te geven. Het gaat dan uiteraard om een beperkte productie, die vaak wordt gepaard aan demonstratieve doeleinden, wat een steentje bijdraagt aan de kennis van en het draagvlak voor ambachtelijke technieken.

Van het slijpen van de werktuigen over het decoreren van de klompen tot het afstellen van de klompenmakersmachines, het vergt technische kennis die nog bij een handvol mensen aanwezig is. Deze kennis doorgeven kan maar als een aantal randvoorwaarden vervuld zijn. Er moet een herwaardering voor klompen gestimuleerd worden opdat jongere mensen de zin krijgen zich met dit technisch erfgoed te gaan bezig houden. De mogelijkheden om de technieken aan te leren zijn nu beperkt en zouden door een reeks maatregelen uitgebreid kunnen worden.

Ook beheerders van klompenerfgoed (musea, heemkringen, verzamelaars) zouden enerzijds gestimuleerd moeten worden actiever met dit erfgoed om te gaan en anderzijds een forum moeten krijgen waarop ze beroep kunnen doen om hiermee aan de slag te gaan. Werktuigen en documentatie over de klompenmakerij zijn in heel wat collecties aanwezig maar de beheerders weten er niet altijd raad mee. Moeten al die klompenmakersmessen bewaard worden en zo niet, wie kan er nog iets mee doen? Is deze machine iets uitzonderlijk of zijn er zo nog meerdere in Vlaanderen? Samenwerking, afstemming en overleg tussen alle actoren is hiervoor nodig.

Net het stimuleren van deze contacten tussen de verschillende actoren vormt sinds 2012 de belangrijkste doelstelling van de iniatieven die werden genomen rond het klompenambacht. Deze initiatieven zorgden voor een aantal positieve stappen, die ook gepaard gaan met een verandering in het discours: de gemeenschap identificeert zich als erfgoedgemeenschap en benoemt haar activiteiten nu als ‘immaterieel erfgoed’ in plaats van ‘folklore’. Een aanvraag om het element in te schrijven op de Inventaris van het Immaterieel Erfgoed is dan ook een logische stap in het proces.;
Sociaal-culturele betekenis
De klomp was niet weg te denken uit het dagelijkse leven van onze voorouders. De klompenmakerij beleefde een hoogtepunt in de 19de en de eerste helft van de 20ste eeuw. Maakte men de klompen oorspronkelijk nog volledig met de hand, dan namen later gespecialiseerde machines het werk grotendeels over.

Nu zijn klompen voor veel mensen iets wat ze enkel kennen van een ambachtenmarkt of een openluchtmuseum. Het wordt verbonden met folkloristische optochten of met Nederland. Het belang van klompen voor onze voorouders wordt echter meestal onderschat. Kinderen van vandaag hebben vaak nog nooit een echte klomp gezien laat staan ze gedragen. De meeste volwassenen hebben nooit klompen gedragen en slechts de ouderen mensen die op het platteland zijn opgegroeid hebben nog “echt” klompen gedragen.  Een kloefkapper is in ons taalgebruik gereduceerd tot een onbeschoft, lomp iemand en het beroep van klompenmaker is zo goed als uitgestorven in Vlaanderen.

In Vlaanderen draagt niemand nog klompen. Dat zou je op het eerste zicht zeggen maar heeft al eens iemand cijfers opgezocht over de verkoop van klompen in Vlaanderen? Op straat of in de winkel zie je geen mensen op klompen maar in de moestuin of op een erf zouden het er meer kunnen zijn dan we vermoeden. Waarom draagt niemand nog klompen? In grote delen van Nederland is het voor heel wat mensen dagelijks schoeisel. Er is zelfs een erkenning als veiligheidsschoeisel waardoor het ook op de werkvloer gedragen kan worden.  Klompen werden gedragen op zeilschepen, bij het klimmen op ladders… situaties waarin wij het niet zouden verwachten maar waar het wel mogelijk bleek. Misschien heeft de ondergang van de klomp meer met sociale status en menselijk opzicht te maken dan met comfort? Een eerste voorwaarde is het aanbod van goede klompen in de juiste maat, en daar wringt het schoentje. Het aanbod is zeer beperkt en je kan niet meer aan de klompenmaker vragen om de klomp wat aan te passen aan je specifieke voetvorm.